Vliegende vis.

Het valt mee met de wind. Er blijft 10-12 knoop en hij is ook weer een beetje naar het zuiden geruimd. Toch komen we niet meer in de buurt van de snelheden die we de eerste dagen haalden. Die eerste dagen beheersen wel het verwachtingspatroon, ook al weet je dat de wind gaat afnemen. In plaats van 7-7,5 knoop zijn we nu blij als we in de buurt van de 5 knopen komen. Dat heeft dan wel gevolgen voor de planning. Dachten of, beter gezegd, hoopten we eerst dat we in de loop van vandaag in Palmerston zouden aankomen, moeten we nu onder ogen zien dat we daar in het donker aan zouden komen. Dat zien we niet zitten. We hielden dus een planningsbespreking na het heerlijke avondeten.We zaten in het donker buiten om de opties te bespreken. Eerst filosofeerden we over het feit, dat er tussen ons en de zeebodem 6000 meter water staat. Dat is indrukwekkend. Het is een van de diepste plekken waar we tot nu toe overheen gevaren zijn, maar we krijgen de Tonga Trench nog waar het 10.000 meter diep is. Nelly Rose drijft er niet minder om, maar het blijft toch een merkwaardige gedachte. Als het daar windstil is zullen we waarschijnlijk even gaan zwemmen.

Zo zaten we na te tafelen en waren we net van plan om de opties te bespreken, toen er ineens een knots van een vliegende vis (ruim de lengte van een iPad) tegen de hals van Hanneke vloog. Hij stuiterde via haar schoot op de bodem van de cockpit waar hij, met de prachtige vliesdunne vleugels uitgespreid, lag te spartelen. Hanneke maakte er snel een foto van, terwijl ik de rubber handschoenen opspoorde, waarmee ik de vis op kon rapen om hem terug te gooien in zijn element. Het was verrassend zo koel als Hanneke reageerde. Ik zou me kapot geschrokken zijn.

We hebben overigens besloten om Palmerston over te slaan en in een keer door te varen naar Niue. Dat gaat ons aan het hart, maar het is niet anders. 

Comments { 0 }

De gang is er uit.

We wisten dat de wind niet aan zou houden. De gang is er dan ook goed uit.
In plaats van vrijdag zullen we pas op zaterdag in Palmerston aankomen. Dat
is eigenlijk niet ideaal, want op zondag mogen we daar waarschijnlijk niet
van de boot af. Dan gaat de bevolking van dat eiland naar de kerk; drie
keer. Misschien is dat echter ook wel veranderd. Er is veel meer veranderd
sinds de Elena vijf jaar geleden in deze buurt rond voer.
We zullen waarschijnlijk een dagje langer op het eiland moeten blijven dan
we oorspronkelijk van plan waren en die dagen beginnen te tellen. Het is
onze bedoeling om ongeveer 15 oktober in Nieuw Zeeland aan te komen. Daar
gaat de boot dan op de kant en in de verkoop en komt er een einde aan dit
geweldige avontuur. Niet meteen helemaal, want we gaan in ieder geval Nieuw
Zeeland nog heel uitgebreid bekijken, maar dan over land. De gedachte dat
deze reis zijn einde nadert is emotioneel. Het besluit om op te houden was
veel moeilijker dan de beslissing om te vertrekken.
Dat besluit namen we tijdens een zeiltocht op en neer naar Engeland. Eenmaal
terug van die trip wisten we, dat we wilden vertrekken en was dat de enige
focus. Alles stond in het teken van dat vertrek. Alle bezwaren er omheen
werden opgelost of weggewuifd. Het ging gewoon gebeuren. Die adrenaline
bleef lang door de aderen stromen, maar gaandeweg begonnen we ook dingen te
missen, echt te missen. Ook de levensstijl van de cruiser en de voortdurende
zorg om het reizen met je hele hebben en houwen begon te wegen en zo zijn er
nog een heleboel grotere en kleinere factoren, zoals het volledige gebrek
aan aandacht voor mijn boek ‘De Macht van Tien’, die begonnen te knagen aan
die duidelijke focus van voor het vertrek. Toch weten we dat we nog
regelmatig spijt zullen hebben als we dit leventje eenmaal vaarwel hebben
gezegd. Een tussenweg is er voor ons helaas niet.
We genieten van de laatste weken van dit gedenkwaardige avontuur dat ons nog
naar Palmerston, Niue, Tonga en het Minerva Rif zal brengen voordat we in
Nieuw Zeeland weer landrotten zullen worden. Donders, wat zullen we het nog
missen.

Comments { 0 }

Voor de wind met Piet.

We zijn even het zicht kwijt op de klok, maar eigenlijk had er waarschijnlijk alweer een uurtje af gekund. Doen we morgen, zodat we dan 13 uur achter lopen op Nederland. De keer daarna wordt het de datumgrens en lopen wij ineens op jullie voor. Het werd wel een keer tijd.Het halve windse feestje van de eerste dagen is inmiddels voorbij. De wind is gekrompen tot oost en we varen nu voor de wind. De fok staat te loevert (melkmeisje of zoals de Engelsen zeggen ‘wing-on-wing’) en dat gaat dit keer ook goed met Piet, onze onvermoeibare Hydrovane windvaanstuurinrichting aan het roer. Eerder liepen we dan regelmatig uit het roer en kon Piet het niet bijhouden. Dat kwam omdat het grootzeil soms even de fok afdekte en dan hield zij het niet bij. We hebben nu een dubbel rif in het grootzeil en een bijna volledig uitgerolde fok terwijl het windkracht 5 is. We gaan dan toch nog als de rook en Piet heeft het stevig onder controle. Nog 340 mijl naar Palmerston, maar we gaan er van uit, dat we ergens in de komende 24 uur met veel minder wind genoegen moeten nemen dus hebben we geen idee wanneer we daar zullen aankomen. 

Comments { 0 }

Laatste stukje Frans Polynesië

We zijn gisteren om 13.30 uit Bora Bora vertrokken en hebben Manuae, het laatste stukje Frans Polynesië nu dwars. Manuae is waarschijnlijk onbewoond, want er zit nauwelijks iets van boven water. De Fransen hebben een heleboel van dit soort eilandjes die ze ´Caillous´ (kiezelsteentjes) noemen. Ze hebben of hadden in een vroegere tijd strategische waarde.
In principe zijn we op weg naar Palmerston, een trip van een kleine 700 mijl. Nelly Rose gaat fantastisch. Ze scheurt lekker halve wind door de beschaafde zeegang met snelheden rond de 7,5 knoop. Later op de tocht komen we mogelijk in een windgat, maar daar laten we ons nu nog niet door afleiden. Het gaat heerlijk

Comments { 0 }

Op weg naar Raiatea.

image
Nelly Rose aan het eind van de regenboog!
Foto gemaakt door Adam van de Rafiki.
image
We liggen in een baai iets verder dan Fare en genieten van de zonsondergang.
image
De volgende dag gaan we op dinghy-safari onder de brug door, maar het water is er vies en we besluiten om niet te gaan snorkelen. Deze brug verbindt Groot Huahine met Klein Huahine, de langste brug in geheel Frans Polynesië.
image
Wel mooi.
image
Spiegelglad.
image
Rafiki ligt achter ons.
image
Er zit een nieuwe sticker op de buitenboordmotor: de Hinano- girl, zij is het boegbeeld van het lokale bier in Frans Polynesië.
image
Het cruiser-zeiljacht de Windsong ligt nu voor het dorp, maar wij gaan door naar Raiatea. Het is ongeveer 25 NM varen en we genieten van het weer op zee zijn met lekker weer.
image
Rafiki vaart vrijwel gelijk met ons op.
image
De kapitein.
image
Heerlijk dagje.
image
We naderen het eiland Raiatea.
image
Als we net door de pas heen zijn, komt deze outrigger in ons kielzog meeliften.
image
We liggen met onze neus naar de kade in Marina Apooiti met Rafiki naast ons. We gebruiken Klontje om ons heen en weer te bewegen naar de kant.

Comments { 0 }

Geraamte

We liggen hier onvoorstelbaar mooi en bovendien erg gezellig. Hanneke en ik hebben vanmorgen de zorg op ons genomen voor Tyrii en Aeneas en de school verzorgd. Hanneke werkte aan het Nederlands van Aeneas (5) door uit Jip en Janneke voor te lezen, terwijl ik met Tyrii (10) een rekenles voor mijn rekening nam. Het is ongelooflijk wat hij al kan. Breuken, decimalen, procenten, reeksen en vergelijkingen met een onbekende. Erg leuk om te doen en het deed mij wel een beetje extra verlangen naar de kleinkinderen, die deze dingen ook allemaal kennen.De wind is naar het westen gedraaid. Dat gebeurt maar heel zelden. Gelukkig hadden wij bij het ankeren er wel al rekening mee gehouden. Toch ging ik even met de snorkel controleren of het anker goed had meegewerkt en dat bleek gelukkig het geval te zijn. Het water is hier helder als gin of als wodka (ik weet niet wat het helderste is) dus dat is goed te zien, ook al ligt het anker bijna op 15 meter diep.

Op de terugweg naar de boot zag ik een middel grote manta rog – een meter of twee van tip tot tip – rond een bombie achter de boot zwemmen. Wat een gaaf gezicht. Ik riep Hanneke die ook snel het water in dook en er bijna even snel weer uitging om de camera te pakken. Ik heb een paar indrukwekkende foto’s gemaakt terwijl de manta met wijd opengesperde bek recht op mij af kwam. Het zijn plankton eters, dus dat is niet eng. Je kunt het hele geraamte van de vis, die van binnen hol is, door zijn mond zien. Spectaculair en we zullen de foto’s bij de eerstvolgende gelegenheid op de site plaatsen. 

Comments { 0 }

Verhuisd

We zijn verhuisd naar een onbewoond deel van de atol. Er zijn maar twee van
de hele rij eilandjes waar bebouwing op staat; het dorpje waar we eerst
waren en een parelfarm op een ander eiland. De rest is onbewoond en de
bewoners van het dorp gaan ook naar zo’n eilandje in het weekend. Het is
weer eens ongelooflijk. Wij liggen beschut achter het rif in prachtig vlak
water, terwijl we de branding aan de andere kant van het eiland tegen dat
rif horen bulderen. Met laag water kunnen we van eiland naar eiland lopen,
maar bij hoog water moeten we door het water heen waden. We gaan daar
maximaal gebruik van maken voor de speurtocht die we gaan uitzetten voor
Tyrii en Aeneas, de kinderen van de Rehua. Tyrii – 10 jaar oud – was goed
voor een prachtige uitspraak die de moeite is om geciteerd te worden: “The
world is full of amazing places but you have to go out looking for them”. Wel,
we hebben er weer een gevonden.

Comments { 0 }

(dit blog is binnen gekomen op 24 juni) De Pen

De pen is machtiger dan het zwaard
We zaten eigenlijk alleen maar te luisteren naar Rehua en Toucan terwijl we bij de snackbar in Nuku Hiva plannen maakten over de eerste bestemming in de Tuamotus. Toch deden we uiteindelijk ook een duit in het zakje en zeiden dat we eerst nog even de ervaringen van de Elena op Raroia wilden nalezen in Vijftig Tinten Blauw en vertelden hen enthousiast over dit boek. De beschrijving van Leonie over hun verblijf op Raroia is dusdanig enthousiast, dat er voor ons geen twijfel meer was; wij wilden ook naar Raroia. We lieten dat aan via de email aan Rehua weten en wie schetst onze blijde verrassing toen we vanochtend op de AIS zowel de Toucan als de Rehua zagen. Zo zie je maar wat een goed geschreven boek kan bewerkstelligen.
We hebben een afspraak voor vijf uur vanmiddag voor cocktails op het voordek van de Rehua. Voor de kinderen gaan we een wedstrijd houden met vliegtuigjes vouwen van papier. Er zullen prijzen zijn in drie categorieën: Wie het verste komt, wie het langste in de lucht blijft en het mooiste vliegtuigje.
Oh ja. Voordat we toe zijn aan al deze jolijt moeten we eerst nog onze eerste atol-pas door. Dat wordt best wel spannend want het is behoorlijk bewolkt. We varen alle drie dan ook langzaam op deze uitdaging af, zodat de zon nog wat hoger kan klimmen en hopelijk zelfs het wolkendek kan oplossen. Wordt vervolgd…..

Comments { 0 }

Snubber

Het passeren van de pas gisteren was geen enkel probleem. Het weer was inderdaad opgeklaard, zodat we bij 15 meter diepte de bodex al konden zien. Rehua ging als eerste door de pas heen en bevestigde, dat we het met het tij goed hadden uitgekiend. Er stond nergens meer dan een dikke knoop stroom. Wij volgden het AIS signaal van de Rehua op de plotter en konden zo prachtige waypoints plaatsen. Die voeren we langs – met Hanneke voor de zekerheid toch op de uitkijk – en eenmaal binnen werden we geleid door een voortreffelijke betonning, die ons naar de ankerplaats voerde. Ankeren hier is niet echt een sinecure. Er zijn kleine stukjes zand, waarschijnlijk niet erg diep, en veel koraal, de basis van het atol. Ons anker hield dan ook van geen kant, maar toen we het weer op wilden halen had het zich net achter zo’n stuk koraal gehaakt. Er is geen beweging in te krijgen. Dat wordt duiken om het weer los te krijgen. Rehua en Toucan hebben Rocna ankers. Zij hadden geen probleem. Hadden we maar…..Toen wij nog aan het ankeren waren, werd er door Sean en Audrey van de Rehua al druk gezwommen. Bruce en Diana van de Toucan zwommen naar hen toe en wij volgden zo snel mogelijk. Het aankomst biertje aan boord van de Rehua, net als de Toucan een catamaran, smaakte werkelijk voortreffelijk. Wat een ruimte heb je op zo’n boot. Wat betreft het vaargenot waren de anderen echter jaloers op ons. Terwijl wij echt genoten hadden van de grotendeels halve windse tocht, maken die cats dan rare bokkensprongen. De Rehua met haar hoge vrijboord, kreeg voortdurend harde klappen tegen die romp en bij de ruim een meter bredere Toucan knalden de golven kennelijk voortdurend met angstaanjagend lawaai tegen het brugdek. Iedereen is echter gelukkig met de eigen keuze, alleen op andere momenten dan de ander.

‘s Middags deden wij, net als Bruce en Diana, een reuze middagdut, zodat we om vijf uur (nu Tahiti tijd een half uur later) topfit aan de borrel verschenen. Het was uitermate gezellig, terwijl de kinderen Tyrii en Aeneas zichzelf voortreffelijk amuseerden. Die waren ‘s middags al aan de kant geweest en hadden allerlei andere kinderen ontmoet. Voor hun ouders was er geen middagdut, terwijl ze toch dezelfde wachten hadden gelopen als wij.

Dat zal Sean wel opgebroken hebben, want vannacht ging het ineens keihard waaien; windstoten tot 40 knoop. Waarschijnlijk had onze ankerketting zich ook nog een keer om het koraal gewonden en daardoor zichzelf ingekort en dat is geen goede zaak. Met een forse knal brak de snubber af. Ik stond binnen 10 seconden aan dek met een mijnwerkerslamp op het hoofd. De snubber is een lijn met een rubber schokdemper, die er voor zorgt dat de ketting niet rechtstreeks alle klappen doorgeeft aan de ankerlier. Na die knal lagen we dus wel aan de ankerlier te trekken. Ik had een reserve snubber klaar, dus lag ik snel weer in bed. Die reserve was echter van een uitermate twijfelachtige kwaliteit touw en schavielde binnen een paar uur door, zodat ik weer uit bed kon. Dit keer moest Hanneke er ook uit. Motor aan, zachtjes vooruit, ankerketting zover naar binnen halen, dat de rest van de eerste snubber binnen handbereik kwam en die met een knoop weer in elkaar gezet. Dat zou het wel tot de ochtend houden, maar ik ben toch maar de wacht blijven houden.

Daar waar wij dus echt wel een beetje baalden van de wind, was er iemand die daar helemaal anders over dacht. De zon was nog geen half uur op (6.30 uur) of er meldde zich een kite surfer. Hij was nog maar nauwelijks op het water of hij sprong al minstens 10 meter omhoog. Zo hoog, dat ik dacht dat hij wel gauw op zou houden maar niets was minder waar. Hij verzorgde een voortreffelijk demonstratie, waarbij hij bijna over de bimini van de Nelly Rose sprong. Ik heb er een paar sensationele foto’s van kunnen maken. Het zal wel tot Papeete duren, voordat we die kunnen plaatsen. Tot dan schrijf ik af en toe wel een verhaaltje over onze belevenissen. Belevenissen die vandaag wat tegen zullen vallen, want de wind houdt nog aan en alle expedities die voor vandaag gepland stonden zijn een dag verschoven. 

Comments { 0 }

Raroria

We zijn op weg naar Raroia, een van de atollen in de Tuamotus. Onze verwachtingen zijn hooggespannen nadat we de ervaringen van Leonie en Adam en hun kinderen er nog eens op hebben nageslagen in hun prachtige boek ‘Vijftig tinten blauw’ (nog steeds verkrijgbaar o.a. bij Observator en Harri).We genieten van een totaal relaxte zeiltocht. De zee is rustig en de bakstagwind is kracht vier. We hebben sinds het vertrek nog geen boot gezien.

De pastasaus smaakt heerlijk ook al hadden we de knoflook niet gesnipperd maar geperst omdat de zee en de wind er bij het koken nog voor zorgden dat Nelly Rose wat levendiger door het water ging. We legden de afgelopen 24 uur 152 mijl af en hebben nog 130 mijl te gaan. De wind gaat nog wat afnemen en er is een risico dat hij ook nog verder gaat krimpen naar het noorden. We zien wel….. 

Comments { 0 }